Ik voelde het meteen, toen ze me voor het eerst mee naar het woud nam: zij hoorde hier thuis. Alma aanbad de meerstammige, grillige elzen langs het gifgroene water, de klimop die knoestige eiken wurgde, de rotte geur van vermolmd hout en de dwingende stilte die als nevel tussen de stammen hing.
‘Ik ben hier graag,’ zei ze, die eerste keer, toen we elk detail van elkaars lichaam verkenden als een complexe kaart van een middeleeuwse stad. ‘Maar ik heb ook de indruk dat ik hier best niet te lang blijf. Begrijp je?’
Ik begreep het. Elk takje dat we deden kraken, iedere plant die we vertrapten, elke teug zuurstofrijke boslucht die we inademden, voelde als een ontering van deze plek, die zoveel ouder was dan was dan wij.
Lees meer
De eerste twee hoofdstukken van Solitaire Bomen
Het is donker in de raamloze inkomhal. Wanneer ze de deur opent, stroomt de koude buitenlucht naar binnen.
Gina blijft in de deuropening staan, wrijft over haar blote armen. Ze heeft nog niet geslapen en weet dat dat niet zal lukken. De eerste nacht kan ze nooit slapen. Het is al ver voorbij middernacht, maar de lucht is bijna even blauw als vanmiddag, al lijkt er een matte vernislaag overheen te liggen.
Ze zou terug naar boven kunnen gaan, onder de lakens kruipen, de minibar leegdrinken en urenlang doelloos zappen langs Amerikaanse zenders die de hele nacht documentaires uitzenden over vliegtuigcrashes, piramides en onopgeloste mysteries uit de oudheid. Maar er is iets wat aan haar trekt. Ze moet naar buiten.
lees meer
Een hoofdstuk uit mijn roman
Dit is een stuk uit mijn roman 'De schade beperken', meer bepaald hoofdstuk 7. Waarom hoofdstuk 7? Geen idee, maar geniet ervan!
lees meer
De openingsscène van mijn roman ‘De schade beperken’
Deze keer zou ze niet terugkrabbelen. Wil Heerenveen maakte haar rode sportfiets zorgvuldig vast met een dik kettingslot. Alsof iemand het in zijn hoofd zou halen om hier een fiets te stelen.
Camerabewaking. Wet van 21 maart 2007, waarschuwde een bord aan de ingang van het hypermoderne gebouw. Wil haalde een hand door haar haren en trok de kraag van haar hemd recht. Ze moest dit doen. Voor Elke en voor zichzelf.
Haar schoenen tikten luid op de steriel ogende tegels van de inkomhal. De onthaalbediende, een man met grijs haar en dunne lippen, keek haar zwijgend aan.
‘Goedendag, ik kom voor Elke Jansen.’
‘Vrouwenvleugel?’
lees meer
Oude bomen verplant men niet
Zoveel vrienden en kennissen had ze zien uitdoven van zodra ze uit hun vertrouwde omgeving werden weggerukt.
Kranige vrouwen, die decennialang met verweerde handen in de aarde hadden gewroet, vodden uitgewrongen en groenten ingemaakt in weckpotten, die zich plots niet meer konden wassen zonder hulp. Sterke bomen, wier wortels zo gewend waren aan de vertrouwde grond waarin ze waren opgegroeid, dat ze gedoemd waren om uit te drogen van zodra ze verplant werden.
lees meer
Honger is kostbaar
De sneeuw viel met dikke vlokken uit de lucht. Vederlicht en tegelijkertijd meedogenloos. Er had zich al een dun, wit laagje gevormd op het grasperkje op de binnenkoer. Na zeventien winters wist Lynn nog steeds niet of ze nu van sneeuw hield of er net een hekel aan had.
Ze at weer. Vijf keer per dag. Kleine porties. Veel meer dan ze eigenlijk wilde.
‘Het is een begin,’ had dokter Michiels gezegd. ‘Een eerste stap.’
Wat de volgende stappen waren, daar wilde Lynn zelfs niet over nadenken. Ze at voornamelijk toastjes, fruit en rauwe groenten. De geur van gekookt voedsel maakte haar nog steeds misselijk.
lees meer
Boomhut
Tante Sonja verorberde een koffiekoek met chocolade en pudding. Ze had haar te strakke, zwarte jurk aan. Die droeg ze al jaren bij elke familieaangelegenheid, van begrafenissen tot communiefeestjes. En elke keer leek hij nog wat strakker rond haar almaar uitdijende lijf te zitten. Daphne wilde Dylan aanstoten, toen de realiteit voor de zoveelste keer met een schok tot haar doordrong.
lees meer
Rolkei
Het is haar zevenenzeventigste lente. Toch verbaast Alida zich elk jaar weer over de frisheid van het groen dat uit de grond ontspruit, zich roert aan elke boom en struik. De geur van de eerste bloeiende bomen, de tinteling van de zon op haar wangen en blote onderarmen, het gezang van de talloze vogels die op zoek zijn naar een partner of de concurrentie willen wegjagen. Alsof de winter de ware aard, het volle gevoel van de lente telkens weer doet vergeten, haar vervaagt tot een ijl, vormloos begrip.
lees meer
19u14
Je leven is niet meer dan een aaneenschakeling van momenten. Nu stap je van een oude trein op een winderig perron in een stad die niet meer de jouwe is.
lees meer
Pensioen
‘Nog drie maanden en je gaat met pensioen.’ Haar stem klonk opgewekt, alsof ze iets leuks verkondigde. ‘Nu kan je gaan doen wat je altijd al wilde, maar waar je nooit de tijd voor had. Hobby’s. Reizen. Tijd doorbrengen met je vrouw.’
Guido staarde naar het bureaublad van zijn diensthoofd. De vrouw was nauwelijks ouder dan zijn dochter. ‘Weet je nog wat het eerste was wat ik tegen je zei?’
Zijn diensthoofd schudde het hoofd.
‘Je vroeg me hoeveel mensen hier werkten. Ik antwoordde: ongeveer de helft.’
‘Juist, ja.’ Haar gezichtsuitdrukking hield het midden tussen een frons en een glimlach.
lees meer