Ik voelde het meteen, toen ze me voor het eerst mee naar het woud nam: zij hoorde hier thuis. Alma aanbad de meerstammige, grillige elzen langs het gifgroene water, de klimop die knoestige eiken wurgde, de rotte geur van vermolmd hout en de dwingende stilte die als nevel tussen de stammen hing.
‘Ik ben hier graag,’ zei ze, die eerste keer, toen we elk detail van elkaars lichaam verkenden als een complexe kaart van een middeleeuwse stad. ‘Maar ik heb ook de indruk dat ik hier best niet te lang blijf. Begrijp je?’
Ik begreep het. Elk takje dat we deden kraken, iedere plant die we vertrapten, elke teug zuurstofrijke boslucht die we inademden, voelde als een ontering van deze plek, die zoveel ouder was dan was dan wij.
Lees meer