De openingsscène van mijn roman ‘De schade beperken’

Deze keer zou ze niet terugkrabbelen. Wil Heerenveen maakte haar rode sportfiets zorgvuldig vast met een dik kettingslot. Alsof iemand het in zijn hoofd zou halen om hier een fiets te stelen.

Camerabewaking. Wet van 21 maart 2007, waarschuwde een bord aan de ingang van het hypermoderne gebouw. Wil haalde een hand door haar haren en trok de kraag van haar hemd recht. Ze moest dit doen. Voor Elke en voor zichzelf.

Haar schoenen tikten luid op de steriel ogende tegels van de inkomhal. De onthaalbediende, een man met grijs haar en dunne lippen, keek haar zwijgend aan.
‘Goedendag, ik kom voor Elke Jansen.’
‘Vrouwenvleugel?’

lees meer

Oude bomen verplant men niet

Zoveel vrien­den en kennissen had ze zien uitdoven van zodra ze uit hun vertrouwde omgeving werden weggerukt.

Kranige vrouwen, die decennialang met verweerde handen in de aarde hadden gewroet, vodden uitgewrongen en groenten ingemaakt in weckpotten, die zich plots niet meer konden wassen zonder hulp. Sterke bomen, wier wortels zo gewend waren aan de vertrouwde grond waarin ze waren opgegroeid, dat ze gedoemd waren om uit te dro­gen van zodra ze verplant werden.

lees meer

Honger is kostbaar

De sneeuw viel met dikke vlokken uit de lucht. Vederlicht en tegelijkertijd meedogenloos. Er had zich al een dun, wit laagje gevormd op het grasperkje op de binnenkoer. Na zeventien winters wist Lynn nog steeds niet of ze nu van sneeuw hield of er net een hekel aan had.

Ze at weer. Vijf keer per dag. Kleine porties. Veel meer dan ze eigenlijk wilde.
‘Het is een begin,’ had dokter Michiels gezegd. ‘Een eerste stap.’
  Wat de volgende stappen waren, daar wilde Lynn zelfs niet over nadenken. Ze at voornamelijk toastjes, fruit en rauwe groenten. De geur van gekookt voedsel maakte haar nog steeds misselijk.

lees meer

Bijzonder

Raymond schilde de aardappelen en spoelde ze zorgvuldig een voor een onder de kraan. Het water voor de boontjes kookte al. Hij had zijn groenten het liefst gekookt. Dat was niet naar de zin van zijn dochter, die gekookte groenten saai en smakeloos vond. Tegenwoordig moest eten een speciaal smaakje hebben. Alles moest bijzonder zijn.

Raymond had nog nooit iets bijzonders gedaan. Zijn hele leven, dat ondertussen ruim tweeënzestig jaar duurde, was een aaneenschakeling geweest van normale activiteiten. Inwisselbare dagen in saaie weken in jaren waarin nooit iets opzienbarends gebeurde. Dat vond Raymond prima. Als hem toch iets overkwam dat het navertellen waard was, dan gebeurde dat ondanks en zeker niet dankzij hem.

lees meer

Boomhut

Tante Sonja verorberde een koffiekoek met chocolade en pudding. Ze had haar te strakke, zwarte jurk aan. Die droeg ze al jaren bij elke familieaangelegenheid, van begrafenissen tot communiefeestjes. En elke keer leek hij nog wat strakker rond haar almaar uitdijende lijf te zitten. Daphne wilde Dylan aanstoten, toen de realiteit voor de zoveelste keer met een schok tot haar doordrong.

lees meer

Rik

Hij kwam ter wereld op 31 december 1999. Om tien voor twaalf, om precies te zijn. Alsof hij koste wat kost nog in de twintigste eeuw geboren wilde worden.

We hebben hem nooit leren lopen. Op een dag stond hij gewoon recht in zijn wiegje. Een paar weken later rende hij al door het huis. Ik heb hem nooit zien vallen. Rik was de eerste van de klas die zijn eigen naam kon schrijven. Hij bindt zijn schoenveters sinds hij drie is. Hij is nooit een dag ziek geweest. Geen mazelen of waterpokken, zelfs geen griep.

lees meer

Oud briefje

Lucy zat op de bovenste trede van de trap. Ze bewoog haar arm in de straal zonlicht die door het glas van de voordeur naar binnen viel. Het licht danste over haar huid.

De harde stemmen van haar ouders galmden door het huis. Ze wilde het niet horen. Toch kon ze niet anders dan luisteren. Het ging nu al maanden zo. Elke keer werden de stemmen luider, de woorden gemener. Het leek wel alsof haar ouders andere mensen werden wanneer ze kwaad waren. Slechte mensen, die elkaar pijn wilden doen. Soms droomde Lucy dat ze ’s ochtends beneden kwam en twee monsters in de keuken aantrof.

lees meer

Rolkei

Het is haar zevenenzeventigste lente. Toch verbaast Alida zich elk jaar weer over de frisheid van het groen dat uit de grond ontspruit, zich roert aan elke boom en struik. De geur van de eerste bloeiende bomen, de tinteling van de zon op haar wangen en blote onderarmen, het gezang van de talloze vogels die op zoek zijn naar een partner of de concurrentie willen wegjagen. Alsof de winter de ware aard, het volle gevoel van de lente telkens weer doet vergeten, haar vervaagt tot een ijl, vormloos begrip.

lees meer

19u14

Je leven is niet meer dan een aaneenschakeling van momenten. Nu stap je van een oude trein op een winderig perron in een stad die niet meer de jouwe is.

lees meer

Powered by WordPress.com. door Anders Noren.

Omhoog ↑